Column Beurskens: De echte verliezers

Eèn van mijn patiënten is laatst een paar maal in Brussel gaan eten en slapen bij de voedselbank, omdat we zo’n voorziening hier nog niet echt hebben. Het lukt hem niet de nodige papieren ingevuld te krijgen voor een minimale uitkering. Hij is een wandelend symptoom voor de verharding, die in onze samenleving plaats vindt. Soms heb ik me ook door het politieke klimaat en het mediageweld laten meeslepen ... laten we de voedselbanken maar accepteren en ook de Vincentiusvereniging, want als ze de teugels weer even laten vieren dan hebben we zó weer een miljoen WAO-ers . Dan maar weer de macht terug aan de basis, aan de dokter en aan de pastoor. Die hebben tenminste de juiste informatie over wie niet kan en over wie niet wil werken. Liefdadigheidsgeld aan de basis wordt zelden aan de verkeerde uitgegeven.
Als ik de media dan een beetje volg, zie ik ook niet in hoe de mensen op andere ideeën zouden kunnen komen. De werkelijkheid wordt gesimplificeerd door one-liners, die maar èèn richting uit wijzen. Het uiteindelijke effect hiervan is dat de gangbare trend in de samenleving wordt ondersteund, de veramerikanisering, de globalisering, de schaalvergroting, het neo-liberalisme, een keihard asielbeleid, de acceptatie van de armoede, en ga zo maar door. Dit immers is de onderliggende toon van het openbare leven. Door de verkiezingsuitslag van afgelopen woensdag is dit cynisme van mij toch enigszins aangevreten door iets van hoop. Zo vanzelfsprekend is het blijkbaar dan toch allemaal niet.
Alle door het openbare leven impliciet als fout geafficheerde thema’s hebben gewonnen, gepersonifieerd in Wilders, Rouvoet en Marijnissen. En thema’s die opvallend afwezig waren hebben blijkbaar toch een rol gespeeld, zoals Irak en Europa en identiteit. Het Fortuyn-Pastors-Verdonk platform is volstrekt geconvergeerd op Wilders, ook zeker tegen de trend van de media in. Alle hoongelach van de media jarenlang over de normen- en waardencampagne van Balkenende helpt hem nu alleen maar in de verkiezingen.
De VVD is er sinds Bolkestein op geniale wijze in geslaagd een oneigenlijke groep kiezers aan zich te binden. De oude senator van Riel zei al, dat meer dan 15% van de stemmen voor de VVD oneigenlijk was, die ze op termijn weer zouden moeten inleveren. Het eenvoudige volk dat stemde voor de VVD op het veiligheidsplatform wordt vervolgens door diezelfde VVD uitgekleed en zit nu op een houtje te bijten. Een dergelijke constructie is deze verkiezingen niet gelukt, maar hier speelt waarschijnlijk ook de zoete wraak van Ayaan een rol. Dat de door haar geregisseerde kamerzittingen tenslotte het karakter kregen van Yomanda-healings wordt de VVD terecht aangewreven. De stemmen, die Rita had kunnen hebben, zijn dus naar Geert Wilders gegaan en dat is zeker tegen de wens van het establishment in. De verdienste van Wilders -en van Fortuyn in zijn tijd- is dat zij het machtsblok van pers en politiek hebben aangetast en die verdienste is waarschijnlijk groter dan de schade, die de inhoud van hun ideeën zouden kunnen aanrichten. Laten we dat althans maar hopen. Anderzijds, de VVD is gezuiverd van ongerechtigheden, Pastors en Herben zijn gedecimeerd. Nog maar vijf procent blijft over voor ultra-rechts en dat valt dan toch weer mee.
De ideologie van pers en politiek is het neo-liberalisme. Gelijke kansen voor iedereen. En wie aan de slechte kant van de lijn zit heeft dat aan zichzelf te danken. Dat allochtonen geen baan krijgen ligt alleen aan hun zelf. Zo zal het openbare leven impliciet of expliciet het neo-liberalisme steunen, want diegenen die erbij horen zitten al aan de goede kant van de lijn. Ook de Partij van de Arbeid heeft zich niet kunnen losmaken van het imago van crypto-neoliberalisme, sinds paars zelfs mèèr dan een imago. Dat kost hun nu de verkiezingen. Kamerbreed heeft de kiezer dus een haarscherpe lijn getrokken.
Het CDA zal zijn christelijk-sociale vleugel weer moeten gaan openen, ondanks het geweldige succes van de wasstraat, waar Balkenende door zijn promotiedeskundige doorheen is gestuurd, zodat je de neo-liberale succes story bijna zou gaan geloven. Een coalitie SP-CDA-Christenunie moet mogelijk zijn. Die zou het meeste recht doen aan de wensen van de kiezer. In een democratie heeft de kiezer altijd gelijk, maar feitelijk is dat natuurlijk niet zo: de kiezer heeft heel vaak ongelijk, zoals de stemmers op Wilders. Maar toch, deze uitslag mag hoop geven, dat de mensen zich niet altijd maar laten meeslepen door alles wat hun wordt voorgeschoteld. En dat is het succes van deze verkiezingen. Zij hebben gestemd voor Christelijk -en daarmee ook Islamitisch- sociaal beleid en daar moet toch iets van te maken zijn.
Voor mij zijn de grote verliezers de media, wat ze er niet van weerhoudt om na de verkiezingen toch alweer druk aan de gang te zijn. Men was het er bijvoorbeeld over eens, dat Europa had meegespeeld. Het moest dus nog eens duidelijk worden uitgelegd, want de mensen hadden het blijkbaar nog steeds niet begrepen. Niemand kwam op het idee, dat de kiezer misschien wel eens gelijk kon hebben over Europa, en Jan Marijnissen. De pers zegt verder, dat er niets te maken is van deze uitslag. Nee, inderdaad als het neo-liberalisme je agenda is, dan is er niets van te maken. Als je je echter Christelijk of Islamitisch en dus ook sociaal laat inspireren, dan is er wel degelijk iets van te maken. En als ik de avond na de verkiezingen Pauw en Witteman -de Statler en Waldorf van de Nederlandse TV- een geslagen uur hoor mopperen op de SP en Jan Marijnissen blijken ze ook nog eens slechte verliezers te zijn.
Als je het over verkiezingen hebt, valt het staatshoofd erbuiten, maar in deze analyse hoort het er toch bij. Nederlands is te verdelen in vier blokken: het volk, de media, de politiek en het staatshoofd. Hierbinnen horen media en politiek bij elkaar. Zij vormen het ‘openbare leven’. Zij zeggen en doen hetzelfde. Zij zijn beide neo-liberaal en spelen onder één hoedje. Openbare discussies en conflicten tussen beide zijn maar uiterlijk vertoon, want je moet het toch ergens over hebben en het volk moet worden geamuseerd. In feite gaan ze nergens over, zoals ook de openbare debatten voorafgaande aan de laatste verkiezingen nergens over gingen. De Majesteit en het volk horen ook bij elkaar. Zij spelen ook onder één hoedje. Zij hebben geen direct contact met elkaar, maar ze voelen elkaar feilloos aan, wat het openbare leven ook zegt. Ondanks alle slimme en niet aflatende pogingen om het koningshuis onderuit te halen blijft het staatshoofd ongekend populair. In Den Haag zijn er maar weinig mensen vòòr het volk, een klein en schamel troepje, maar het wordt wèl aangevoerd door de Majesteit. En in dat groepje zitten bijvoorbeeld Jan Marijnissen en André Rouvoet. Blijkbaar heeft het volk dit begrepen ondanks ‘het openbare leven’, en besloot het dat troepje wat groter te maken.