Column over olympische Spelen

schilderij in Tretjakow galerij van arme kinderen die hard moeten werkenBij enkele dames die ik bezocht kreeg ik gistermiddag een folder onder de neus over een katholiek project voor vondelingen in China. De pater die erover gaat had er juist zelf in Steijl over gesproken. Eén procent van de bevolking in China is ondergronds katholiek en één procent is lid van de nationale katholieke kerk. Maar goed, zei ik, dat de paus zich tegen de nationale katholieke kerk in China heeft uitgesproken. Want afhankelijkheid van een regiem als dat van China is wel het laatste wat de kerk kan gebruiken. Maar daar waren de dames het niet mee eens. De katholieken in de nationale kerk zijn echte katholieken en ze kunnen niet anders. Een vader van een gezin bij de ondergrondse kerk kan de kost niet meer verdienen. Niet iedereen kan het zich permitteren bij een schuilkerk te zijn. En we hebben gezien wat er met de Falun Gong is gebeurd. En ze zijn toch allemaal vóór de paus ... werd er nog aan toegevoegd. De beide kanten van de kerk lijken ook nogal verstrengeld. Hier zal wel weer zo’n katholieke list in het spel zijn. Waarschijnlijk wordt er een rookscherm opgetrokken dat veel meer eenheid verbergt dan nu wordt vermoed. Als China eens verandert, kan dat mooi allemaal ineens worden verenigd en gelegaliseerd.
Het deed me denken aan een reis door Rusland in de tachtiger jaren. Menig toerist zag achter iedere pilaar een KGB-agent, maar je merkte dat de gewone Rus het regiem allang had afgeschreven, voor zover hij er ooit in geloofd had. We waren eens met de bus op weg naar de Tretjakow-galerij in Moskou. In dat museum hangen alleen de Russen, de ziel van het oude Rusland met de eindeloze berkenbossen, waar de groten van de Russische kunst uiteindelijk God vonden. Toen we in de bus vroegen waar we eruit moesten begonnen ook anderen zich ermee te bemoeien. De Tretjakow was wel het mooiste waar je in Moskou naar toe kon gaan, daar waren ze het allemaal over eens. En iemand werd afgevaardigd om ons van de halte naar het museum te brengen.
In China was dat in diezelfde tijd anders. Daar had je het idee, dat het anti-religieuze denken de bevolking nog tot in de diepste poriën zat. De mensen geloofden er zelf in. Dat maakt het voor schuilkerken extra gevaarlijk door collaborateurs en informanten en dat schijnt nu ook nog zo te zijn. Een gids die we meemaakten kon haar lachten haast niet houden toen ze iets moest vertellen over het Boeddhisme, zo’n onzin vond ze het.
Dat werk van die pater, ja, dat maakt wél verschil. Gutta cavat lapidem, de druppel holt de steen uit. En niets anders. Zeker niet het instituut van media en politiek uit het Westen, dat nu zo tekeer gaat tegen China. Hun onmacht is zonneklaar. Ik doe ze maar voor het gemak op één hoop, want er is te weinig verschil om van twee instituten te kunnen spreken. Het kunstmatige verschil is er alleen maar om elkaar in leven te houden. De politici die voor de camera moeten bevallen van hun tekst, dat ze bij de Chinese leiders de mensenrechten ter sprake hebben gebracht -tot groot amusement ongetwijfeld van deze laatsten-, die maken geen verschil. En evenmin de westerse media die nu voor de sporters de Olympische Spelen proberen te bederven. Beide kunnen helemaal geen kwaad voor het huidige China. Het regiem en zijn filosofen herkennen zonder twijfel de verwantschap met het Westen en het ene heidendom hoeft het andere niet ervan te overtuigen hoezeer ze feitelijk op elkaar lijken. Handel is het allerbelangrijkste. Of wie denkt er dat ons systeem geen mensenlevens kost?
De Dalai Lama vindt het fijn dat de Olympische Spelen in Peking zijn. Daar zal wel iets goeds van komen. Erica Terpstra vindt het ook fijn. En tegen twee zo’n mensen moet je je niet willen verzetten. Sommigen hebben recht van spreken. Het doet me denken aan de opmerking die Mao-Tse-Toeng in een privé-onderhoud maakte tegen de jonge Dalai Lama, toen die een jaar in Peking was geweest. Je gelooft toch zelf niet in die onzin? In horreur is hij toen maar terug gegaan naar Tibet om niet erg lang daarna te moeten vluchten naar India. Om daar tenslotte te zien hoe het Tibetaans Boeddhisme zijn grootste vlucht in de geschiedenis maakt. Menig Tibetaans Boeddhist moet er toch verbaasd om staan dat hij zó belangrijk geworden is. Alleen déze druppel die de steen uitholt heeft echte macht in de wereld. Van die kant moet het komen. En die macht is onoverwinnelijk en onweerstaanbaar. Dat mensen daar in China langs de straten gaan en zo’n kleine kindje in een doos langs de weg oppakken en het gewoon opvoeden zonder commentaar en zonder oordeel, daar kan niemand tegenop. Ook de geschiedenis niet. Nee, daar is werkelijk niets tegen te beginnen.